|
De Wildhorn is de meest
westelijke top van betekenis uit de Berner Alpen. Hij ligt tussen Les
Diablerets (Alpes Vaudoises) en Wildstrubel (Berner Alpen) in en is de
hoogste van de drie. Maar het zijn alle drie markante
toppen als je vanuit Wallis noordwaarts kijkt. Ze vallen tussen al dat
grijs op omdat ze (nog) vergletsjerd zijn.
De normaalroutes naar deze
toppen zijn allemaal gemakkelijke gletsjerwandelingen. Dus een prima
project om met de leden van mijn collegekamp te doen.
|
Zomer 2000
We rijden met de bus van Les Haudères, waar we onze kampplaats hebben,
naar
Lauenen (1241 m)
via Col du Pillon en
Gstaad.
We doorkruisen de prachtige Rorh-vallei met aan het einde de
Lauenensee (1381 m). Het is al een aantal dagen slecht weer in
Wallis en Berner Oberland en vanaf Chüe-tungel (1800 m) lopen we dus
ook in de sneeuw. Terwijl Bart Van de Water de groep trekt, loop
ik met Kris Vissenberg vooruit om een spoor te trekken door de verse
sneeuw. We bereiken veilig de Wildhornhütte (2303 m) die in een
dertig centimeter dik sneeuwtapijt ligt.
Morgen
pikt de bus ons op aan Lac de Tseuzier, boven Crans-Montana en aan de
andere kant van de Wildhorn. Toch besluit ik niet over te steken
via de Wildhorn omdat er met deze sneeuwcondities te veel gevaar is
voor onze 30 koppige groep. Na wat studiewerk op de kaart, zie
ik een uitweg: eerst afdalen via Iffigsee, door Iffigtal naar
Iffigenalp (1584 m), stijgen naar de Rawilpass (2429 m) Om dan door
Alpage du Rawil weer af te dalen tot Lac du Tseuzier (1777m). We
halen net op tijd de bus na een tocht van ongeveer 15 km waarin we
1371 m dalen en 845 m stijgen.
We
hebben geen Wildhorn beklommen maar een prachtige tocht achter de rug
door een prachtig Iffigtal en over de ruwe Alpages du Rawil.
|
 |
 |
|
Kris Vissenberg
wijst de weg. |
Groep door de
verse sneeuw. |
|
 |
 |
|
Kris Vissenberg
spoort naar Wildhornhütte. |
Ben Vermaercke
verjaart, een sneeuwtaart leek ons een toepasslijk geschenk.
|
|
 |
 |
|
Groep vertrekt in de Wildhornhütte naar
Iffigsee en Iffigenalp. |
|
18
juli 2002
 |
Vinnie en ik parkeren onze wagen op de parking van Les
Rousses, een kabelbaan die de skiërs naar de skigebieden boven Anzère voert.
We kijken naar de weg die via een tunnel naar het Lac de Tseuzier leidt.
We volgen een 200 hoogtemeters een breed spoor onder de kabellift maar nemen
dan gelukkig een andere richting om in een ruwe kom te
komen: Les Andins. Op een bord onder een wegwijzer krijgen we meer
informatie over de aardbeving van 1949 die oorzaak is van de grote
puinkegels van rotsblokken. Van hieraf kunnen we twee wegen belopen.
Chemin des Andins loopt langs rechts door de kom, is de langste van beide en
minst gevaarlijke. Wij kiezen Chemin de la conduite. Dit pad
gaat langs de linkerkant van de kom en is objectief wat gevaarlijker.
Het pad is smal met boven ons een brokkelige helling van Pointe d'Hérémence
(oppassen voor steenslag) en rechts van ons een steile wand. Het pad
is erg goed beveiligd met dikke blauwe touwen.
Een
driehonderd meter hoger komen beide paden weer samen.
Wegwijzer Combe des Andins. |
 |
 |
|
Chemin de la conduite |
We komen in op een soort maanlandschap
terecht.
Het gebied Les Audannes
bestaat grotendeels uit kalkgesteenten die glad gevormd
zijn door de ijsmassa van Glacier des Audannes. Door
koolzuur (uit regenwater) treedt er een ontbinding op van kalksteen en
worden de rotsen sterk aangetast en wordt dit
typische reliëf met groeven
of
kluftkarren,
scheuren, grotten,
en
dolines
gevormd. Dit oplossen noemt
men corrosie.
We
moeten oppassen voor dit objectief gevaar:
|
Kluftkarren zijn diepe geulen,
die ontstaan in relatief vlakke kalkoppervlakken, waar het water
langzaam stroomt en dus dieper kan doordringen. In Kluftkarren
ontstaat vaak plantengroei en dus een zure humuslaag. Hierdoor zal het
corrosieproces sneller en ook zijwaarts verlopen. 0p de lange duur
worden de wanden tussen de karren ondermijnd en verdwijnen ze.

Dolinen
(naar doline, het Sloveense woord voor dal) zijn meestal ronde
verzakkingen in het landschap. Ze kunnen variëren van enkele meters
tot honderden meters in diameter. De diepte kan eveneens van enkele
tot meer dan 100 meter variëren. Men kan dolinen naar hun wijze van
ontstaan in twee groepen indelen. 0vergangsvormen zijn echter
mogelijk.
Dolinen vindt men terug op hoogvlaktes in kalksteengebieden, met name
in karstgebieden. Een doline (vroeger karsttrechter genoemd) is
een grot, waarvan het plafond geheel of gedeeltelijk is ingestort.
Dolinen zijn vaak moeilijk te vinden. In de zomer zijn ze vaak
overgroeid met kruipdennen en in de winter zijn ze vaak met sneeuw
overdekt.
0plossingsdolinen.
Via spleten in de kalksteen
(vaak waar deze
elkaar kruisen) stroomt water weg. Door corrosie raken de wanden
steeds verder uit elkaar en kan een soort trechter ontstaan.
 
Instortingsdolinen.
Een vrije ruimte onderde grond waarvan het plafond door corrosie of
instabiliteit instort. Indien de wanden tussen een reeks dicht bij
elkaar liggende dolinen verdwijnen, ontstaan er een zogenaamd 'blind
dal'. Een groot oppervlak met aan elkaar gegroeide dolinen noem en we
een 'uvala'. De afzonderlijke dolinen zijn in tegenstelling tot het
blinddal in een uvala nog te herkennen.
 
bron: P.Schubert,
Veiligheid en risico in de bergsport & speleo.nl |
Eens we op het plateau van Audannes komen is het bijna vlak tot aan de hut.
Als snel zien we het grot Lac des Audannes liggen, dat zijn water afstaat
aan het stuwmeer van Tseuzier. Even verder passeren we een hutje dat
gebouwd is met rotsblokken en ongeveer een half minibusje groot. Iets
hoger zien we de Cabane staan.
|
Cabane des
Audannes (2506 m), propriété de l’Association de la cabane
des Audannes. (coördinaten
595800/132400)
46 plaatsen,
altijd open maar gardien ter plaatse van einde
februari tot einde april en van 15 juni tot 1 oktober.
Gardien= Armand Dussex, rue Ancienne 4, 1974
Arbaz, Tél. + 41 79.310.90.60
Email :info@audannes.ch
 
Cabane
des Audannes met gebedsvlaggetjes. Ik breng de namiddag door met
een boek in de gezellige dortoir. |
We
worden vriendelijk begroet door Armand en zijn sherpa. Buiten een
enkeling is er niemand in de hut. Het slechte weer van de afgelopen
dagen is hiervan beslist de oorzaak. 's Avonds vertelt de gardien over
zijn streek, het meer, zijn berg, zijn reizen naar Nepal, de aardbeving,...
Plots groet de Nepalees ons goedenacht en gaat naar buiten. De gardien
ziet onze verbaasde blikken. "Hij slaapt in dat stenen hutje of het nu
sneeuwt, onweert of goed weer is. Hij bidt en slaapt daar". Ik
ben blij dat de dortoir van de hut toch wat luxueuzer is ingericht.
De volgende morgen
klimmen we naar Col des Eaux Froides (2648 m). Vanuit de hut lijkt
deze col moeilijk te bereiken maar dat is bedrog. Er ligt een vrij
goed pad en Armand heeft er in het gebied ronde de cabane alles aan gedaan
om de bewegwijzering op punt te stellen en de gevaarlijke passages te
voorzien van touwen. Op de col vinden we een grote rotsblok met een
wegaanduiding. We volgen de pijl door op de rots te klauteren en lopen
weer over een fel geërodeerde kalkstenen.
  
Vinnie op Col
des Eaux Froides
-
Jeroen en Vinnie over het kalkgesteente naar de voet van de gletsjer
We klimmen tot
op het
laatste rotseilandje in de sneeuw. We eten wat en we binden ons in.
Het is heerlijk op deze door de zon verwarmde rots. Toch moeten we
vertrekken anders wordt de sneeuw op de gletsjer te papperig. Als je de
juiste instijgroute neemt is de gletsjer bijna klovenvrij. Enkel links
van ons liggen heel wat kloven. Ook de route naar de Wildhornhütte
loopt over kloven. In het gidsje Berner Alpen I wordt hiervoor ook
gewaarschuwd.
 
Voor top van de Wildhorn. Rood is onze route, groen
is de route vanuit de Wildhornhütte.
Drie kwartier later
bereiken we de laagste top van de Wildhorn (3246,3m). Hier staat een
prachtig smeedijzeren kruis op.
 |
 |
|
Jeroen op
top Wildhorn |
Jeroen en
Vinnie op de top. Uiterst rechts de Mont Blanc, uiterst links de
Grand Combin. |
 |
 |
|
Topkruis
met rechts Les Diablerets. |
Jeroen op
weg naar tweede top |
 |
 |
|
Jeroen met
zicht op Wallis (rechts van wandelstok: Bishorn en Breithorn) |
De grote
witte vlek is Plaine Morte, een skigletsjer boven Crans Montana met
links ervan de Wildstrubel. |
 |
 |
|
Van Mischabelgroep (Dom) tot en
met Dent d'Hérens. Juist onder de gletser ligt de kom van Audannes. |
Sommige wanen zich in een
winkelstraat. Gezellig maar veilig? |
12 juli 2006
Met mijn groep van
de collegekampen beklim ik weer de Wildhorn. Het is een erg vlotte
beklimming, waar iedereen ten volle van geniet.
Uit het dagboek van
de kampdeelnemers:
Dadelijk na het ontbijt namen we de bus naar Tseuzier. Hoe het kwam:
de vroegte, de Zwitserse manier van busrijden of het HAAAAAAAAAARSPEEELD
BWEEEUUUH, … we zullen het nooit weten, maar Carl nam in ieder geval tegen
het einde van de rit het laatste iets te letterlijk ...
Bij onze aankomst stond ons eerst een
tocht van vier en een half uur te wachten naar de Cabane des Audannes.
De eerste paadjes die we namen, bleken allemaal ofwel onveilig door lawines
ofwel onmogelijk te begaan met een rugzak. Dus daalden we even af en
probeerden we het opnieuw. Zo bleek onze wandeling nog slechts een drietal
uur te bedragen. We genoten volop van het zingen in de tunnels en het nemen
van prachtige natuurfoto’s.
Onze wandeling bracht ons door een gebied waar in 1949
nog een aardbeving had plaatsgevonden. Het landschap was mede daarom erg
verschillend van dat van vorige tochten. In de vroege namiddag werd het
tempo even de hoogte in gejaagd omdat een onweer dreigde. We kwamen net op
tijd aan om de regen met bakken uit de lucht te zien vallen vanuit de heel
erg gezellige en knusse berghut ...
De volgende ochtend zijn we met een
aantal dapperen vroeg uit de veren voor de beklimming van de Wildhorn.
Eerst komt een beklimming over kalksteenrotsen. Niet zonder gevaar: we
moeten opletten voor dolinen, ronde verzakkingen in de kalkstenen
ondergrond. Hierna steken we in cordée de gletsjer over en bereiken we als
eersten die dag, maar ook als eersten in de geschiedenis van de
collegekampen, de top van de Wildhorn (3247 m)!
We poseren bij het prachtige smeedijzeren kruis en trekken dan over
de graat verder naar de tweede top. In de mist keren we daarna naar de
berghut terug, waar we de rest van de groep oppikken.
Dan moesten we in recordtempo naar beneden. Over een skipiste daalden
we zelfs 800 hoogtemeters in één uur tijd. Dat moet ook een driest
collegerecord zijn! Na veel gevloek over de pijn in de knietjes deden de
meesten een dutje tijdens de busrit terug. Anderen begonnen zich volop voor
te bereiden op de kampavond.
.jpg) |
|
Frans Claeys trekt de groep
door "la combe des Andins". De gevolgen van de aardbeving van 1949
zijn nog duidelijk merkbaar. |
.jpg) |
.jpg) |
|
Cabane des Audannes. |
Sherpa Tandi, hulp van de
gardien tijdens de zomer, vertelt over zijn 3 topbeklimmingen van de
Mount Everest. |
.jpg) |
|
Sherpa Tandi met enkele leden
van het collegekamp 2006. |
.jpg) |
.jpg) |
|
Op naar
glacier des Audannes over de prachtige kalkrotsen. |
.jpg) |
|
Touwgroep 2 op weg naar de top. |
.jpg) |
|
Collegekamp
2006 op top van de Wildhorn. |
.jpg) |
|
Hoe graag je ook op de top
blijft, steeds weerklinkt de lokroep van het dal. |
|
Link naar website Sint-Jozefcollege Turnhout |
|
2 mei 2008
Zie tour Wildhorn
16 juli 2009
Op uitnodiging van
Tim genieten we nog een weekje na van
een vermoeiend collegekamp in Grimentz met als uitsmijter de
beklimming van de Wildhorn.
De beklimming van de
Wildhorn is een uitgelezen tocht om te maken met niet-klimmers. De
technische moeilijkheden zijn aanvaardbaar en alle ingrediënten
zitten in de tocht vervat: gletsjer, rotsklimmetjes, gezekerde
passages met touw, topkruis, unieke natuurpracht, aangename
berghut,... en met goed weer krijg je een onvergetelijk panorama
voorgeschoteld. Met een goede fysieke conditie, een vertrouwensvolle
groepsgeest en flinke dosis zelfvertrouwen geniet je van elke stap
naar de top. De ademloze stilte van deze top geeft je zoveel stem
dat je er maanden later nog niet over uitgepraat bent.
|
 |
.jpg) |
|
Vanaf parking Les Rousses (1767m) bereik je in ongeveer 3u
de Cabane des Audannes. |
.jpg) |
|
Voldoende en regelmatig eten en drinken is belangrijk om de
berghut te bereiken en je lichaam te laten wennen aan
inspanning en hoogte. |
.jpg) |
.jpg) |
|
Door
het bos bereiken we de vallei van Andins |
Via
een richeltje op de zuidwand traverseren we richting de hut.
Hanne wijst naar puinhoop afkomstig van de aardbeving uit
1949. |
.jpg) |
.jpg) |
|
Door
middel van touwen klauteren we door de zuidwand. Onder ons
loopt de wand steil omlaag. |
.jpg) |
.jpg) |
| |
|
.jpg) |
.jpg) |
|
Door
de aardbeving ligt heel de vallei vol kleine keien. Het
padje loopt er dars door en verdwijnt wel eens door
bergverschuivingen na de winter. |
 |
|
Via
Combes des Andins
(gele route) bereiken we een plateau met prachtige
kalkformaties en het meer van Audannes, waarnaast de cabane
ligt. Ook aan de andere kan van Combe des Andins ligt een
pad (rood)
naar de cabane maar dat is minder spectaculair. Het
groene pad
is de winterroute. |
 |
| |
.jpg) |
.jpg) |
| |
Hanne en Sarah bereiken het plateau. |
.jpg) |
.jpg) |
|
Johan Joppen bijna in de Cabane. |
Als
volleerde trekkers, bestellen we liters thee om ons
vochtgehalte op peil te houden. |
.jpg) |
.jpg) |
|
Tijdens de late namiddag rusten we en genieten we van deze
unieke plek. |
Cabane des Audannes (2508m) |
.jpg) |
.jpg) |
|
Hilde Renders |
Tim
Joppen |
 |
.jpg) |
|
5.55u. Na een lichte afdaling doorkruisen we een rivier
waarna het steil omhoog klimt tot Col de Eaux Froides
(2648m). Hilde voert de groep aan. |
Na
de col klimmen we links een steile rotspassage over. Mil
overwint beheerst deze traverse. |
.jpg) |
.jpg) |
| |
|
|
.jpg) |
.jpg) |
.jpg) |
|
De jonge generatie
traint al volop... |
Greet en Warre |
...en kijkt al uit naar
een volgende bergvakantie.
(Warre, Tim en Thijs) |
|