Ofenhorn - Punta d`Arbola (3235m)
 
31 augustus 2007

Ik ben al eventjes in het bezit van de Zwitserse stafkaart 1270: BINNTAL. Het grensgebied met Italië sprak me aan. Maar omdat de hooggebergtetochten er relatief gemakkelijk zijn, kwam ik er nog nooit. Tot vorig jaar toen ik in het gidsje "Plaisir Alpin" een stukje vond over de beklimming van de Ofenhorn. Jürg von Känel is vol lof over deze regio en spreekt over een zeer lonende beklimming. Nog geen enkele tocht uit dit gidsje stelde ons teleur dus trokken we naar het Binntal.

Binntal

back to startpage of binn.stahlen.orgWaar het brede Obergoms door een nauwe kloof overgaat in het Untergoms, splitst naar het oosten het Binntal af, dat vooral bekend is bij kristalzoekers. Het zijn niet alleen de grotendeels intact gebleven Walliser bergdorpen met hun donkere houten huizen, maar ook spectaculaire trajecten en uitzichten tussen Grengiols en Fäld, de plantenwereld en natuurlijk de kristalgroeve, een van de grootste vindplaatsen van Europa, die van deze vallei een bijzonder plekje maken.

Lengenbach is één van de tien meest bekende plaatsen van mineraalvindplaatsen ter de wereld. Sinds 1800 is deze plaats bekend. Hier komen 100 verschillende mineralen voor waarvan 19 enkel in Binntal.

http://www.binn.ch     -     http://de.wikipedia.org/wiki/Binntal

 

 
Grotere kaart weergeven

De Ofenhorn is de meest oostelijk top van de Penninische Alpen. De andere grenzen van de Penninische Alpen zijn in het westen de Mont-Vélan, in het zuiden de Dora Baltea, een rivier in Noord-Italië en in het noorden de Rhône. Klimmen in Wallis is vaak heel wat minder acrobatisch en grootmoedig dan in andere bergmassieven. Je geniet er niet alleen van de beklimming en de prestatie maar van het hele concept: de groene, rustige valleitjes, de authentieke dorpjes met hun zwart geblakerde chalets en hun frisse almen en de onbeschrijfelijke stemming, die van al die hoge alpenreuzen rond je naar beneden dwarrelt.

We rijden door Ernen, het stadje aan de ingang van het Binntal dat ooit hoofdstad was van Oberwallis, waar een vorm van Zwitserduits gesproken, oftewel "Schweizerdeutsch", ook wel "Schwyzerdütsch", of "Schwiizertüütsch". Het is een verzamelnaam voor de Alemannische dialecten, die in Zwitserland gesproken worden, voornamelijk Hochalemannisch en in mindere mate ook Hochstalemannisch zijnde. Een opmerkelijke variant is het Walliserduits, dat in het kanton Wallis gesproken wordt, behorend tot het Hochstalemannische dialect, dat zelfs door de overige Zwitsers moeilijk wordt verstaan.

 

In Fäld is de straat ten einde. We laten onze auto achter en we gaan op zoek naar een taxi. We hebben ergens gelezen dat je met een taxi al een heel stuk door de vallei raakt. Dat komt goed uit want we zijn weer erg laat onderweg. Als Wim de taxichauffeur belt, vallen we omver van de prijs. We wachten dan maar op de bus, die binnen een dikke 40 minuten arriveert. Tot onze grote verbazing stopt stipt om 15.30u een grijs taxibusje met een Postautosticker erop vlak voor onze neus. Voor een prikje raken we tot in Brunnebiel, een kilometertje of 3,5 voorbij Fäld.

 

Wim betaalt de "buschauffeur". Ofenhorn

1. Brunnebiel => Mittlenbärghütte

Ik spring uit het busje in Brunnebiel en kijk recht het Binntal in dat achteraan gesloten wordt door de Ofenhorn. Op elke flank ligt er een berghut. Rechts de Bintallhütte en links de kleine privaathut Mittlenbärghütte. We kiezen bewust voor deze laatste hut omdat we de route interessanter vinden en vooral omdat we gokken dat deze hut veel minder druk gaat zijn dan de Binntalhütte aan de overkant. 600 hoogtemeter scheiden ons nog van de Mittlenbärg. Tijd om er stevig in te vliegen.

Jeroen Wim
 

Eerst volgen we de Binna tot Chiestafel en via Blatt, een moerassig weitje onder de Mittlenbärg, bereiken we de hut.

2. Mittlenbärghütte (2395m)

We worden heel vriendelijk ontvangen in de hut. Het hutje geeft me een propere maar doorleefde indruk. Het heeft dan ook een hele geschiedenis doorlopen. Tijdens de 2de wereldoorlog diende de hut als grenspost. Van hieruit heb je immers een goed zicht op de Albrunpass. Juist naast de hut zie je nog de ingang van een bunker met daarachter een tunnel. Sinds 1996 biedt dit hutje plaats aan alpinisten, wandelaars en mineraalzoekers.

Het uitzicht over het Binntal en omliggende toppen is wondermooi. Aan de andere kant zien we de Binntalhütte. Het lijkt of we goed hebben gekozen want het terras van de Binntalhütte krioelt van het volk.

 
Genietend van de rust in de Mittlenbärghütte
Binntal Ofenhorn
Liggend in het gras kijken we naar de route van morgen: over het Hohsandjoch naar de Ofenhorn

3. Beklimming Ofenhorn

Iets voor zes verlaten we de hut en zetten koers richting Hohsandjoch. Het is ijskoud. Zelfs het gras rond de hut (2395m) is bevroren. We vinden hier en daar sporen terug met oude wegmarkeringen uit de 2de wereldoorlog. We komen boven een grote zandvlakte uit waar tal van riviertjes dor stromen. Over puin dalen we af en lopen tot aan de voet van de gletsjer. Alles ligt los en we schuiven van de ene naar de andere rotsblok. Ik twijfel aan de efficiëntie van dit pad en kies al een andere afdaalroute voor over enkele uren. Via de apere Tälligletsjer bereiken we Hohsandjoch. Eindelijk een plekje met zonneschuin. Heerlijk hoe mijn lichaam eindelijk opwarmt. Zelden had ik het zo koud tijdens een beklimming en ik zit nog niet eens boven de 3000m. Vanaf dit joch krijgen we een heel mooi zicht op de noordwand van de Ofenhorn, die ook een optie is om de top te bereiken. Toch besluiten we het hoekje om te gaan en via de oostwand naar de top te klimmen. We duiken Italië binnen en belanden op de Hohsandgletsjer, die zachtjes in het Hohsandstuwmeer of Lago del Sabbione glijdt. Zonder problemen, enkel oppassen voor stenen die van de berg rollen, bereiken we de oostwand. Een stevige klimmetje leidt naar de top.

Binntal ontwaakt.
Onze klimroute (oranje) en onze betere afdaalroute (rood)
Via de Tälligletsjer naar Hohsandjoch.
Jeroen op de Hohsandgletsjer Wim
Door de oostwand naar de top
 
 

We dalen bewust terug over dezelfde route af. Je kan ook afdalen naar de Binntalhütte via de Eggerscharte maar we hoorden dat de sneeuw daar plaats heeft geruimd voor losse rotsen. Om 12.20u bereiken we terug de Mittlenbärghütte. Te laat om nog de bus, die enkel in de voormiddag blijkt te rijden, naar Fäld te halen. Na en snelle hap dalen we af. Wim heeft dan maar de taxi besteld. Hetzelfde busje pikt ons op in Brunnebiel maar nu als zijnde taxi. We voelen het serieus in onze portemonnee. Alle pogingen om reducties los te peuteren mislukken. Toch dalen we met een erg tevreden gevoel af naar Fäld. We hebben er weer een geslaagde tocht op zitten in een wondermooie vallei.

 

 

 

 

De Route

Vertrekpunt: Fäld (Binntal) & Mittlenbärghütte  

     
Tijd: Brunnebiel => Mittlenbärghütte

(vanaf Fäld +1u)

 

Mittlenbärghütte => Hohsandjoch

Hohsandjoch => Ofenhorn

Ofenhorn => Mittlenbärghütte

1u45

 

 

2u30

1u10

2u15

     
Mittlenbärghütte: http://www.greicherstube.ch/mittlenberghuette  
     
Taxi of soms postbus: Schmid Johann, 027 971 45 37  

Oranje: klimroute

Rood: betere daalroute

Groen: mogelijke daalroute

 

 

Kies een nieuwe beklimming uit volgende categorieën:

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Reacties, vragen en suggesties i.v.m. deze site zijn altijd welkom!

Gewoon even mailen!

jeroencaers@gmail.com


Copyright © 1998 - 2008  Jeroen Caers

Laatste update: 30 maart 2010